Het is meer dan een reeks sessies, meer dan alleen uren maken. Hier in Andalusië, waar het licht ’s morgens zacht glijdt over de heuvels en de aarde ruikt naar tijm en vochtige rotsen, begint mijn begrip van ultratraining langzaam te veranderen. Niet alleen als voorbereiding op wat komt, maar als manier van bewegen en leven. Ik trek mijn schoenen aan, kijk naar het pad voor me en besef wat ik hier doe: mijn time on feet. Het fundament voor een jaar dat groots zal zijn op manieren die ik nu nog niet volledig kan bevatten.
Laag op laag
De dagen hier voelen oneindig. Niet omdat ik bijna iedere dag een indrukwekkend aantal kilometers maak, maar omdat elke stap telt. Niet alleen voor het lijf, maar voor wat er tussen de oren gebeurt. Terwijl ik de heuvels in loop, het pad omhoog en weer omlaag slingert, voel ik het ritme van mijn adem en leer ik de grenzen kennen van wat ik vandaag aankan. In de stilte van deze winter in Andalusië, zoals ik eerder beschreef, leg ik laag na laag. Niet zichtbaar van buiten, maar onmisbaar van binnen.

Ergens halverwege een lange ochtendrun klimt de zon hoger en begint het stof onder mijn voeten te glanzen. Het tempo dat ik loop is niet belangrijk, maar de ervaring ervan wel. Ultratraining gaat hier niet over snelheid. Het gaat over aanwezigheid. Over leren bewegen zonder haast, over observeren wat er gebeurt als het landschap verandert. Als mijn gedachten veranderen, mijn lijf protesteert of juist soepel draait. Iedere stap hier draagt bij aan iets groters. Ze draagt bij aan wat ik dit jaar wil doen: FKT-pogingen aangaan, vijftig ultra’s lopen én mijn Pyrenean Triple Crown Adventure volbrengen. Een tocht door de Pyreneeën die niet alleen mijn fysieke grenzen zal testen maar ook mijn mentale uithoudingsvermogen.
Time on feet
Terugkijkend op mijn Time on Feet blog, waarin ik schreef over de waarde van beweging die niet gemeten wordt in kilometers maar in tijd en aandacht, zie ik hoe anders dit voelt dan trainen voor een standaard evenement. Hier is geen finish om naar toe te jagen. Er zijn geen strakke schema’s of records die vandaag gehaald moeten worden. Alleen het pad, het landschap, mijn lichaam en mijn geest. Dat is het verschil. De stilte hier is niet leeg; het is een ruimte waarin ik mezelf weer leer kennen. Mijn echte grenzen én mijn flexibiliteit daarbinnen.
Soms loop ik dagen waarin alles klopt. Mijn ademhaling is kalm, mijn benen voelen sterk en mijn hoofd is helder. Andere dagen zijn lastiger. De eerste kilometers voelen zwaar, mijn benen willen niet mee en mijn gedachten dwalen af naar vragen als: Hoeveel dagen achter elkaar kan ik lopen zonder dat het schadelijk wordt? Hoe lang moet ik vandaag? Is dit nog trainen of al slijtage? Het zijn niet de vragen die ik mezelf vaak stel, maar ze zijn belangrijk. Want dit jaar vraagt niet alleen fysieke kracht, maar mentale veerkracht. Het vraagt om het vermogen te stoppen wanneer nodig, maar ook, en soms juist, om door te zetten wanneer alles in mij zegt: stop.
Dieper vertrouwen
In de loop van maanden merk ik dat mijn manier van trainen verandert. Ik leer mijn lichaam dieper te vertrouwen. Ik voel wat het nodig heeft en wanneer het vraagt om rust. Niet alleen omdat het moe is, maar omdat rust niet het tegenovergestelde is van trainen. Het ís trainen. Iemand zei laatst tegen me: “Durf te rusten.” Die zin blijft hangen. Rust is geen achteruitgang. Het is herstel, het is voorbereiding, het is onderdeel van de kunst om duurzaam sterk te blijven. Zeker met een jaar vol extreme plannen voor de deur.

De heuvels hier hebben me al zoveel geleerd. Over ademhaling, over focussen op elke stap, over mijn lichaam accepteren zoals het vandaag is. Soms ruik ik de warme aarde, hoor ik een steenmarter voorbij schieten of voel ik de wind die plotseling over de kam waait. Het zijn niet alleen fysieke signalen; het zijn metaforen. De route vergt aandacht, geduld, aanwezigheid. Dat is wat ik straks ook nodig heb. Langdurige dagen in de bergen, dagen waarop het doel niet de prestatie is, maar het vermogen zelf om te kunnen blijven bewegen.
Een omgeving die spreekt zonder woorden
Terwijl ik de laatste klim bedwing en villa Silencio, waar ik verblijf, nader, denk ik na over het jaar dat voor me ligt. Ultralopen door Europa, FKT’s op legendarische routes zoals de Camino Francés en uiteindelijk de Pyrenean Triple Crown. Een tocht waarin ik dé drie coast-to-coast langeafstandsroutes in de Pyreneeën aaneen zal smeden tot één groots avontuur. Geen statische checklist, maar een uitnodiging om mezelf te begrijpen op manieren die alleen mogelijk zijn als je lange dagen maakt in een omgeving die spreekt zonder woorden.
Ultratraining, zoals ik het hier in Andalusië beleef, is niet het najagen van een afstand of het halen van een tijd. Het is een proces van leren kennen wat het betekent om duurzaam te bewegen, te voelen wat werkt en wat rust vraagt en te groeien in de stilte van het landschap. Elke dag hier draagt bij aan mijn fundament. Niet alleen lichamelijk, maar zeker ook geestelijk. En als de zon zakt en de heuvels hun kleuren terugnemen naar warme tinten, weet ik dat wat ik hier doe precies is wat ik nu moet doen: aanwezig zijn, bewegen, voelen en vertrouwen op wat mijn lijf en geest samen kunnen dragen.
Want wat al is begonnen, de uitdagingen en avonturen van 2026, vraagt niet alleen een sterk lichaam. Het vraagt een fundament dat gebouwd is in honderden stille uren op mijn voeten, met een open blik en een nieuwsgierige geest. Precies daar, in de diepe stilte van Andalusië, is mijn volgende avontuur al begonnen.
